Elke Geurts: Ik nog wel van jou

elkegeurtsiknogwelvanjou

E. en haar man (“de man” of R.) wonen met hun twee dochters in een nieuwbouwwijk. Op een dag zegt de man dat hij bij haar weg wil, dat hij niet meer van haar houdt. Dit boek gaat over de periode daarna. Dat E. probeert haar man bij zich te houden. Dat de man ook weer lijkt te twijfelen en toch nog gewoon heel vaak ook thuis is.

Het blijkt dat de man zich al een hele tijd erg alleen gevoeld heeft in de relatie, dat zijn verdriet eigenlijk al voorbij is nu de beslissing genomen is. Maar de juiste omgang vinden blijft lastig: in tegenstelling tot in de meeste gevallen geeft de mediator het advies dat ze elkaar maar eens een poos wat minder moeten zien, om goed te kunnen scheiden.

E. schrijft tijdens dit hele proces columns over haar scheiding (nee, over haar huwelijk!) in de krant. Zodat de man op een dag zegt: “Ik las in de krant dat ik het je moest zeggen als ik een ander had.” En dan wordt E. pas voor het eerst echt boos.

Doordat ze moeilijk afstand kunnen nemen, en R. voor de kinderen vaak in de buurt is (hij woont in dezelfde straat) blijft E. lang hoop houden. Ze probeert al schrijvend haar man weer terug te winnen, al is dat schrijven en haar focus daarop misschien wel steeds het grootste probleem geweest. Maar nu lukt het schrijven niet, althans, het boek dat ze wil schrijven lukt niet.

Het boek springt een beetje door de tijd heen, we volgen grofweg een jaar, maar daarin zit niet per se steeds een chronologische volgorde, er zijn ook terug- en vooruitblikken. We lezen hoe E. met vrienden, buren, studenten, therapeuten praat, over haar ouders en haar broer. Over de familieopstelling, waar zoals haar moeder die systeemtherapeut is altijd al beweerde, een wonder gebeurt en haar woede verdwijnt. Met steeds terloopse verwijzingen naar het schrijfproces van het boek zelf: wat de redacteur van zo’n gebeurtenis zou zeggen in een boek, of E. zelf als een student het geschreven zou hebben.

Zo wordt ook een spel gespeeld met feit en fictie. We weten dat een groot deel van het verhaal op feitelijke gebeurtenissen gebaseerd is, dat heeft Geurts in de media duidelijk verteld. Maar ze blijft schrijver, en probeert de gebeurtenissen naar haar hand te schrijven.

Man en dochters gingen een nachtje naar een hotel met zwembad. Hij had de meisjes al weken niet meer aan het ontbijt gezien. De oudste zat voorin, op mijn plek, en de jongste achterin. En toen reden ze weg. Ik huilde niet omdat ik mee wilde, maar juist omdat ik niet mee wilde.
Alles wat ik ooit had gelezen over liefdesverdriet en wat erover werd gezongen, was waar. Barensweeën waren er niets bij. Geen wonder dat er altijd zulke grote woorden voor gebruikt werden. Het was geen aanstellerij.
K. zei: “De wond zit op dezelfde plek als verliefdheid. Maar nu is het het omgekeerde.”
Een schrijversvriend zei: “Het is wél goed voor de literatuur.”
Toen ik dit tegen een vriendin vertelde, riep zij uit: “Jezus, de literatuur! Jij zou natuurlijk nog liever bij de Blokker gaan werken en voor altijd met schrijven stoppen, als je je gezin maar bij elkaar houdt.”
“Ja, tuurlijk!” zei ik en ik nam een slokje wijn. Nee, dacht ik. Dat niet. Ik zou niet nog liever bij de Blokker gaan werken. Maar dat durfde ik niet hardop te zeggen.

In deze aflevering van VPRO Boeken vertelt Elke Geurts over dit boek.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s